Review: Teufel Cinebar One(+)

Laatste Nieuws

Elektronisch Nieuws / Laatste Nieuws 28 Views

Een compacte soundbar welke geschikt zou moeten zijn voor een cinema-ervaring, dat is de Teufel Cinebar One. In het geval van een combinatie met de draadloze subwoofer (de CB11SW) spreken we over de Cinebar One+.

Uitpakken

De Cinebar One+ komt verpakt in twee simpele bruine dozen, zoals we van Teufel gewend zijn. De verpakking van de CB11SW subwoofer betreft een grote doos welke zo’n acht en een halve kilo weegt terwijl de doos van de Cinebar One een redelijk compact pakketje vormt.

Het uitpakken van het totaal biedt geen bijzonder enerverende ervaring. In de doos van de Cinebar One vinden we naast de speaker zelf een afstandsbediening en de adapter terwijl in de doos van de subwoofer we alleen de unit zelf plus een handleiding vinden. De handleiding die bij de subwoofer zit gaat over Teufel’s Cinebar 11.

Ontwerp

De Cinebar One is een basreflex unit met vier vijftig millimeter één-weg-speakers (dus een case met vier speakers, waarbij iedere speaker voor het hele geluidsspectrum geluid uitgeeft en gebruik maakt van een klankkast met een opening).

De unit is vervaardigd van plastic. Door de plastic mesh-afwerking aan de voorzijde heen zijn de voor Teufel karakteristieke rode ringen rondom de drivers te zien. Verder zien we een LED indicator die van kleur veranderd afhankelijk van de input die geselecteerd is; paars voor optical, blauw voor bluetooth (wordt tevens gebruikt gebruik in combinatie met een PC), groen voor de jack-aansluiting, en bij selectie van de HDMI-poort wordt de LED wit. Teufel past de LED op een prettige manier toe.  Wanneer de Cinebar One bediend wordt via de afstandsbediening knippert de LED. Wordt er van input-bron veranderd wordt de LED wat feller en gaat schaalt deze vervolgens terug in felheid. Waar bij andere apparaten, zeker bluetooth-apparaten er vaak sprake is van een irritant felle LED, is hier bij de Cinebar One geen sprake van.

Aan de achterzijde vinden we verschillende aansluitingen.

Geheel links zien we een HDMI-input via welke een HDMI ARC-ondersteunende televisie de Cinebar One kan aansturen. De optische ingang kan gebruikt worden voor een directe aansluiting met een apparaat zoals een mediaspeler of een audio-apparaat. De jack-aansluiting dient voor het aansluiten van stereobronnen, zoals een versterker of bijvoorbeeld telefoon of mp3-speler. Als laatste vinden we een USB-aansluiting waarmee de Cinebar aan een PC verbonden kan worden en het apparaat herkend zal worden als een aparte (2.1) geluidskaart/USB-speaker.

Buiten de aansluitingen vinden we tevens een paring knop voor het verbinden met de draadloze subwoofer (zaken als je telefoon dien je te pairen via de afstandsbediening). De adapter-aansluiting spreekt voor zich. De getapte opening dient voor het bevestigen aan bijvoorbeeld een wandbeugel of standaard.

Aan de onderzijde zien we de rubberen voetjes, plus wat standaard tekst waar we lekker geen aandacht aan besteden ????. Ook aan de onderzijde heeft de Cinebar One een getapte opening.

De afstandsbediening is eveneens vervaardigd van plastic en is simpel ingegeven. We kunnen ons moeilijk voorstellen dat iemand hier niet mee overweg kan of de geïndiceerde functies niet begrijpt. De afstandsbediening ligt prima in de hand.

We zien een ronde grijze knop met de volumecontrols en de de mogelijkheid om de bas naar boven of naar beneden bij te schroeven. Uiteraard is er een standby-knop en daarnaast is er een mute-knop. Verder zijn er knoppen voor de geluidsprofielen, de inputkanalen en de stereo widening functie. Meer hierover verderop in de review. De knoppen voelen prima aan; stevig, met goede feedback.

Hoewel het uiterlijk subjectief is, zijn we geen fan van de keus voor glossy/pianolak plastic. Het is in de regel kras- en vingerafdrukgevoelig en ondanks dat het in eerste instantie soms elegant over komt blijft dit niet het geval wanneer een apparaat een tijdje in gebruik is geweest. Al moeten we ook eerlijk zeggen dat na drie weken dagelijks gebruik de afstandsbediening amper gebruikssporen vertoont en de vingerafdrukgevoeligheid eigenlijk wel meevalt.

De subwoofer is zoals de meeste opties in deze prijsklasse vervaardigd van MDF met een matte afwerking. In de meest ultieme zin van het woord is gekozen voor een sober ingegeven uiterlijk.

Het apparaat is aan alle kanten gewoon zwart met alleen aan de voorzijde een merkaanduiding. Aan de onderzijde zien we de woofer en reflexpoort en twee knoppen; een standbyknop en een paringknop voor het in paringmodus zetten van de subwoofer om deze aan de soundbar te verbinden.

Lichteffect op de vloer

Ook zijn een LED-indicator voor de pairingstatus te zien, plus een LED waarmee aangegeven wordt dat de sub ingeschakeld is. In het donker is de ingeschakelde stand te zien doordat het witte licht op de vloer schijnt. De meeste mensen zullen echter de sub met de achterzijde tegen een muur positioneren en zullen er dus niets van merken. Overdag is het effect sowieso niet te zien.

Gebruik

Zoals in de inleiding aangegeven is wordt de Cinebar One verkocht als de Cinebar One, en de Cinebar One+ wanneer ervoor gekozen wordt de CB11SW subwoofer erbij te nemen. We hebben het apparaat derhalve in beide combinaties getest.

Verder hebben we de Cinebar One hoofdzakelijk getest in combinatie met een televisie waar het gezien het vormconcept ook vooral op gericht is. Het apparaat biedt echter ook de mogelijkheid om als USB-speaker te functioneren in combinatie met een PC, dus uiteraard hebben we dat ook meegenomen. Zie verderop in de review onze ervaring in dat opzicht.

Het verbinden van een bluetooth-apparaat werkt via de afstandsbediening door de bluetooth-knop in te houden. We konden hier weinig problemen aan ontdekken. Het verbinden van apparaten gaat snel en de audiokwaliteit is mede door de ondersteuning van aptX prima. We vroegen ons wel af of het voor Teufel niet mogelijk was om een draadloos streaming-protocol te verwerken in de speaker, zoals Chromecast Audio.

Stereo widening is een functie waarover Teufel stelt dat het een techniek is die ervoor zou moeten zorgen dat er een effect ontstaat waarbij het lijkt dat de voorste speakers verder uit elkaar staan. Inderdaad wordt het geluid wat ruimtelijker bij het inschakelen van deze functie. Bij het beluisteren van bijv. klassieke muziek kan je op deze manier een soort concert-effect krijgen dat alleraardigst klinkt. Feit is echter dat het een audiobewerking is waar de kunstmatigheid duidelijk aan af te horen is, zeker wanneer het content betreft waar de gebruiker mee bekend is. Het is een leuke functie, maar het blijft iets waarbij gezorgd wordt voor een audiouitgave die niet is wat het geluid moet zijn. Verder valt in bepaalde lagen het detail weg. Hoewel het veel beter werkt dan iets als surround-effecten die veel televisies ingebouwd hebben, zijn we toch geneigd de stereo widening-functie in die categorie te zetten.

De geluidsprofielen die via de afstandsbediening in te schakelen zijn geldt iets anders voor. Naar ons idee zijn er binnen de mogelijkheden van de Cinebar One goede keuzes gemaakt om de beste uitgave te hebben voor muziek, film en voice. Iets als een podcast of webitem waarin vooral gesproken wordt waarbij de mix niet goed gekozen is, is iets dat helaas te vaak voor komt. Het gevolg is een vervelende, overdreven brommende stem. Door bij de voice-instelling het laag in grote mate weg te laten, is dat probleem compleet verdwenen bij dergelijk items.

De muziek- en filmsettings liggen redelijk dicht bij elkaar. De muzieksetting is wat dynamischer, waar de film-setting redelijk neutraal gehouden is. Voor een apparaat als de Cinebar One logische keuzes naar ons idee.

De Cinebar One beschikt over een besparings-feature waarbij het apparaat zichzelf uitschakelt wanneer voor een bepaalde tijd geen audio wordt uitgegeven.

Als PC-speaker

De Cinebar One is een enkele unit en daarmee geschikt voor mensen die een redelijk cleane oplossing willen en één speaker willen plaatsen, maar toch degelijk geluid willen (de subwoofer is door het design en de draadloze eigenschap altijd wel ergens te plaatsen, waardoor het niets afdoet aan het idee van een minimalistische setup mocht je voor de Cinebar One+ willen gaan). Door het vormconcept loopt men wel tegen wat praktische problemen aan.

Zo speelt het gegeven dat de Cinebar One, omdat het een soundbar is, een platte unit is die hoofdzakelijk naar voren gericht is. De meest mensen zullen het apparaat onder hun monitor zetten, op of aan de monitorvoet, onder het scherm. Dit betekent dat de gebruiker in de meeste gevallen schuin bovenop de speaker kijkt, waar je in principe wil dat het geluid van een speaker zich naar het gezicht richt, wat ook de reden is dat de meeste PC-speakers ietwat naar achteren hellen. Uiteraard vergt het geen ingeving van briljantie om dit op te lossen. Uw reviewer drukte er een accessoire onder bedoeld voor het doorleiden van kabels (zie de afbeelding hieronder), maar het kan feitelijk ieder prul zijn. Een ander praktisch probleem is dat de Cinebar One uiteraard een enkele unit is waardoor slechts in beperkte mate een stereo-effect bereikt wordt, aangezien de drivers zo dicht bij elkaar staan en je als gebruiker er zo dicht op zit, dat het effect van de stereo widening ook wat beperkt wordt.

De keus voor micro-usb om het apparaat aan een PC te verbinden is een begrijpelijke, aangezien we deze verbinding zo vaak zien op verschillende apparaten. Toch vragen we ons af of andere vormen van de USB-interface niet meer geschikt zijn vanwege het meer robuuste karakter van verschillende stekkers (bijv. mini-USB). Er is immers ruimte zat, waar het voordeel van micro-USB beperkt is tot het feit dat het minder ruimte in neemt.

Met een kabelroutingaccessoire is voor de PC-test de Cinebar One iets omhoog gericht.

De speaker dient ingeschakeld worden middels de afstandsbediening. Het was fijn geweest als op het moment dat er audio speelt, de speaker zichzelf zou inschakelen of op zijn minst er een mogelijkheid was geweest op de speaker zelf om deze te activeren. De eerder genoemde besparingsfunctie zorgt er tevens voor dat mensen die graag in stilte werken de speaker meermaals per gebruikssessie moeten inschakelen op het moment dat ze iets willen afspelen.

Teufel biedt geen losse software die in combinatie met de Cinebar Pro te gebruiken is. Gezien de focus van het product is dit een logische keus. De combinatie met een PC is echter de ideale mogelijkheid om met software iets te doen. Denk aan een apart game-profiel, of verschillende audio-profielen die voor bepaalde muziekgenres meer geschikt zijn. Zoals we aan de stereowidening en profielen-features kunnen zien is Teufel wanneer het op de Cinebar One aankomt, niet vies van bewerkte instellingen, dus het argument dat een speaker gewoon gewoon een specifieke sound moet hebben hier niet geldig. Het feit dat de speaker slechts 2.1 is en niet gewoon 6 kanalen ondersteunt over USB is eveneens jammer. Sommige gebruikers kunnen echter de optische uitgang gebruiken als hun PC deze heeft.

Geluid

De Cinebar lijkt het accent vooral op het midden van het geluidsspectrum te leggen. Het laag komt wel door, maar het gemis van wat extra potentie is duidelijk. Het hoog komt op zich ook door, maar mist detail; bij het beluisteren van bijvoorbeeld akoestische gitaarmuziek, is het aanslaan van de snaren en de nuance van de zachtere tonen iets dat achter blijft. In combinatie met de subwoofer wordt de tekortkoming op het gebied van het laag grotendeels goedgemaakt.

Het volume van de Cinebar One is niets mis mee. Het maximum volume gaat ver voorbij het comfortabele en dan nog treedt geen vervorming op. Het bereik zou voldoende moeten zijn voor iedere huiskamer.

Alles bij elkaar is de Cinebar One+ op zich een aardig apparaat voor muziekweergave. Er zijn 2.0-opties die voor deze prijs aanzienlijk beter zullen presteren, maar we moeten niet vergeten dat de Cinebar One gericht is op meer dan alleen muziekweergave en het zijn van een enkele unit/soundbar-concept nu eenmaal met compromissen komt.

De combinatie met beeld (films en series) is waar de Teufel Cinebar One+ thuis is. Ondersteuning van DTS ontbreekt helaas, de Cinebar One ondersteunt wel Dolby Audio (2.0 en 5.1). Een van de favoriete scenes van uw reviewer om filmaudio te testen betreft de bekende shoot-out in Heat (1995). Het is een combinatie van verschillende tonen, plus de nodige ruimtelijke effecten.

Over het algemeen stelt de Cinebar One+ (nu het verschil tussen de opstelling met en zonder bekend is, is het niet nodig om de Cinebar One zonder subwoofer nog te testen) niet teleur. Het detail komt door, het gewelddadige effect dat de schietactie moet brengen komt prima over.

Op het gebied van ruimtelijk geluid hoeft de gebruiker geen wonderen te verwachten. Nu hadden we nooit we van een dergelijke optie een echte surround-ervaring verwacht, maar we kunnen buiten dit idee ook niet duidelijk verschillende punten van herkomst opmerken van een bepaald geluid in scenes waar andere eerder geteste opties dit wil kunnen. Waarschijnlijk dat de beperkte grootte hier de Cinebar One parten speelt. Desondanks kan gezegd worden dat de Cinebar One+ de dynamiek van de verschillende gebruikte testscenes prima weet over te brengen en voor film- en seriegebruik zich bewijst als een potente oplossing.

Misschien moet de ondersteuning van Dolby Audio in plaats van het aanbod van een surroundoptie, vooral gezien worden als de ondersteuning van het beste geluid die je van je streamingcontentprovider krijgt en dat je dus niets hoeft te downmixen (downmixen betreft in dit geval het omzetten van surround geluid naar stereo), wat op sommige andere apparaten wel eens moet, omdat ze geen Dolby ondersteunen. Dit gezegd hebbende, moet DTS- of Dolby Atmosgeluid dus wel degelijk gedownmixed worden.

Conclusie

De Cinebar One+ geeft een meer dan degelijk geluid uit. Het vormt een prima oplossing als uitbreiding voor je televisie om meer te genieten van al je videocontent van streamingdiensten en overige herkomst. Het apparaat brengt de dynamiek van film- en seriecontent goed over en over het volume en het bereik valt weinig te klagen.

In de configuratie zonder subwoofer die bij Teufel door het leven gaat als ‘Cinebar One’ (dus zonder de ‘+’) heb je een slechts optie waarmee je je verbetert ten opzichte van de tegenwoordig (of eigenlijk al jaren) bijna altijd teleurstellende televisiespeakers. De subwoofer (CB11SW) is dus wel een absolute pré.

Een surround-ervaring hoef je niet te verwachten. Eigenlijk is het ook niet redelijk om dit te doen gezien het concept van de Cinebar One en de prijsklasse waarbinnen deze valt.

Voor muziek is de Cinebar One+ geen geweldenaar, echter zal het veel mensen alsnog tevreden stellen.

Comments